Bemaling

Risico’s bij bronbemaling

Elke (tijdelijke) bouwkuip in Nederland heeft hinder van grondwater, oppervlaktewater of neerslag. Met behulp van bronbemaling kan het grondwaterpeil tijdelijk verlaagd worden. Dit heeft echter direct invloed op de grondwaterstand in de omgeving. Verlaging van de grondwaterstand is ten allen tijde meldingsplichtig, afhankelijk van de omgeving. Bouwt u in de historische binnenstad of in een waterwingebied dan zijn de eisen streng.

De mate van grondwateronttrekking is afhankelijk van de diepte van de bouwput en de doorlatendheid van de bodem. Door het onttrekken van grondwater aan de bodem kan inzakking ontstaan. Sommige bodemlagen zijn extreem gevoelig voor zettingen door grondwateronttrekking. Oude funderingen kunnen nog op koeienhuiden of houten palen staan en zijn extreem gevoelig voor grondwateronttrekking. Een statige villa in Den Haag of elders in de kuststreek kan al honderden jaren stevig op duinzand staan maar door verkeerd graafwerk, bouwputinstabiliteit of wateronttrekking in korte tijd flink beschadigd raken. Het is daarom bij kelderbouw noodzakelijk om altijd de omgeving bij de risicoanalyse te betrekken.

Ondergrondse bouwwerken kunnen tevens een barrière voor grondwaterstromingen veroorzaken. Dit kan ondergronds tot plaatselijke opstuwing van het stromende grondwater tegen de kelderwand of verlaging achter de kelder leiden. Bij diepe bouwkuipen met damwanden kan dit effect versterkt optreden.

Nederland is door haar unieke ligging in de delta uiterst gevoelig voor grondwateronttrekking. Ook is in Nederland op veel plaatsen vervuiling in de bodem aanwezig. De invloed hiervan op de grondwateronttrekking dient vooraf onderzocht te worden.

Kortere bronbemalingstijd bij afzinkkelder

MBS Kelderbouw kan bij kelderbouw de benodigde onderzoeken en de bronbemaling volledig verzorgen. Vanwege de bemalingsproblematiek wordt er dikwijls voor een afzinkkelder gekozen. Een afzinkkelder kan binnen een korte periode worden afgezonken waardoor de duur van de bemaling beperkt is.

Nadat de vloer in de afzinkkelder is gestort, kan de afzinkkelder in de bouwfase eventueel geballast worden met water. Hierna kan de bronbemaling tijdens de rest van de bouwperiode worden beperkt. Ook kan een afzinkkelder onder water worden afgezonken waarbij het mogelijk is om de vloer onder water in het caisson te storten. In dat geval is geheel geen grondwateronttrekking nodig. Wel is tijdens het afzinken water nodig om het te ontgraven volume aan grond in het caisson te vullen met water.

Bemaling en de bouwvergunning

Voor elke bouwvergunning is een analyse van het grondwater, de grondwaterstanden ten opzichte van N.A.P. en een bemalingsadvies noodzakelijk. Daaruit blijkt de hoeveelheid grondwater die onttrokken zal worden, de zogenaamde debiet en hoe dit grondwater geloosd kan worden.

In een goed watervoerende bodem van bijvoorbeeld grof zand kan voor een kleine kelder zo maar 400 m3 grondwater per uur aan de oppervlakte komen. Dat water moet ergens geloosd worden. De meeste rioleringen kunnen maximaal 70 m3 per uur aan. In sommige gevallen dient het grondwater te worden geretourneerd in de bodem, een zogenaamde retourbemaling.

Bevoegd gezag

De invloed van de (tijdelijke) onttrekking op de omgeving is van groot belang. In of nabij beschermde waterwingebieden is een vergunningstraject van 25 weken gebruikelijk. Sinds de inwerkingtreding van de Waterwet vallen bronneringen onder de bevoegdheid van het waterschap. Meldingen voor het onttrekken van grondwater moeten dan ook bij het waterschap worden gedaan. De provincie is ook bevoegd voor een aantal grondwateronttrekkingen maar bronbemalingen behoren daar niet toe. Ook voor lozingen op oppervlaktewater is het waterschap meestal bevoegd. Alleen als u op een rijkswater wilt lozen, moet u bij Rijkswaterstaat zijn. Voor lozingen op de riolering is de gemeente bevoegd.